Inleiding: Deze brochure gaat over ouderbijdragen
jeugdhulpverlening. U leest hierin wanneer u een ouderbijdrage moet betalen en hoe hoog
die bijdrage is.
Het LBIO
Het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen, gevestigd in Gouda, is een
incassobureau dat in opdracht van de ministers van Justitie en van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport inningstaken uitvoert op het gebied van wettelijke onderhoudsbijdragen.
De kerntaak van het bureau ligt in het innen van alimentatiebijdragen en in het
vaststellen en innen van ouderbijdragen jeugdhulpverlening.
Ouderbijdragen
Soms is het nodig dat een kind tijdelijk buiten het eigen gezin wordt verzorgd en
opgevoed, of alleen gedurende een dagdeel buitenshuis verblijft (dagbehandeling). Dat kan
gebeuren op verzoek van de ouders, van anderen, of van het kind zelf. Soms vindt de
kinderrechter het op advies of verzoek van de kinderbescherming nodig een kind te plaatsen
(ondertoezichtstelling). In die gevallen is sprake van justitiële hulpverlening.
(Stief)ouders zijn verplicht te voorzien in het onderhoud van hun (stief)kinderen. Deze
onderhoudsplicht blijft bestaan, ook als een kind buiten het gezin verblijft, of dit nu
met of zonder toestemming van de ouders gebeurt.
Wordt een kind buiten het gezin verzorgd, dan moeten de ouders een bijdrage betalen in
de kosten van de hulpverlening. Deze bijdrage wordt hier aangeduid als
ouderbijdrage.
Het vaststellen en innen van de ouderbijdragen gebeurt door het LBIO. Het LBIO
behandelt alleen de financiële kant van de plaatsing en heeft geen invloed op de
beslissing of een kind door anderen moet worden verzorgd.
Ouderbijdragenregeling
Wie moet een ouderbijdrage betalen?
Als een kind buiten het gezin wordt verzorgd, blijft de onderhoudsplicht voor beide
(stief)ouders bestaan. Als ouders niet meer samenwonen, wordt over het algemeen de ouder
die op het moment van plaatsing voor het kind zorgde op de bijdrage aangesproken. In ieder
geval schrijft het LBIO de ouder aan die de kinderbijslag ontvangt. Maar ook als de ouders
geen kinderbijslag ontvangen, is een ouderbijdrage verschuldigd. Een voogd of pleegouder
is niet ouderbijdrageplichtig.
Wanneer hoeft u geen
ouderbijdrage te betalen?
- Bij crisisplaatsing is maximaal zes weken geen bijdrage verschuldigd. Men
spreekt van crisisplaatsing als de hulpverlener van de vrijwillige
jeugdhulpverlening meent dat er sprake is van een acute noodsituatie, waarbij het kind
onmiddellijk moet worden geplaatst. Tijdens deze crisisplaatsing probeert de hulpverlener
medewerking van de ouders te verkrijgen.
- In het geval van justitiële hulpverlening geldt deze termijn van zes weken vrijstelling
niet.
- Als u bezwaar hebt ingediend tegen de vrijwillige jeugdhulpverlening aan uw minderjarig
kind.
- Bezwaar tegen een plaatsing in het kader van een ondertoezichtstelling (justitiële
plaatsing) is niet mogelijk.
- Als de plaatsing van uw kind door de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) wordt
gesubsidieerd.
- Als uw kind naar aanleiding van het plegen van een strafbaar feit door de rechter in een
strafinrichting is geplaatst.
- Als u alimentatie voor uw geplaatste kind moet betalen.
- Als u door de rechter bent ontheven van het ouderlijk gezag. (Deze ontheffing moet niet
worden verward met een wijziging in het gezag.)
- Als uw kind een eigen inkomen heeft van tenminste EUR 226,89 netto per maand of een
uitkering ontvangt op grond van de Wet Studiefinanciering. Deze regel geldt niet bij een
dagbehandeling.
Hoe hoog is de ouderbijdrage?
De ouderbijdragenregeling is een inkomensonafhankelijke regeling. Dat wil zeggen dat de
verschuldigde bedragen wettelijk vastliggen en de hoogte van uw inkomen geen invloed heeft
op de hoogte van de ouderbijdrage. De hoogte is uitsluitend afhankelijk van:
- leeftijd van uw kind;
- de soort hulpverlening die uw kind krijgt;
- Als uw kind een deel van de dag in bijvoorbeeld een medisch kleuterdagverblijf is,
betaalt u een andere bijdrage dan wanneer uw kind in een tehuis, internaat of pleeggezin
verblijft of begeleid op kamers woont.
- het aantal dagen per week dat uw kind is geplaatst.
De bedragen in onderstaande tabel zijn gebaseerd op plaatsing van vijf of
meer dagen per
| week: |
|
|
|
|
|
| leeftijd kind |
residentieel of pleegzorg |
semi-residentieel |
|
Dag-en-nacht hulpverlening (in een
tehuis, internaat, pleeggezin,begeleide kamerbewoning) |
Hulpverlening gedurende (een deel
van) de dag in bijvoorbeeld een (medisch) kleuterdagverblijf |
|
|
|
|
|
|
| 0- 5 jaar |
EUR 58,90 |
EUR 29,45 |
| 6-11 jaar |
EUR 80,99 |
EUR 40,50 |
| 12-20 jaar |
EUR 103,08 |
EUR 51,54 |
(Maandbedragen per 01-01-2002)
De ouderbijdrage wordt jaarlijks, met ingang van 1 januari, geïndexeerd.*
* De ouderbijdrage is gekoppeld aan de algemene prijsontwikkeling. Indexering vindt
plaats aan de hand van de prijsindex voor de gezinsconsumptie.
Bij het vaststellen van de bedragen is er rekening mee gehouden, dat u naast de
ouderbijdrage ook nog andere kosten voor uw kind maakt (bijvoorbeeld bezoekkosten,
schoolgeld, verzekeringen en verblijfkosten in het weekend of tijdens vakanties).
Als uw kind minder dan 5 dagen per week is geplaatst, wordt de hoogte van de bijdrage
bepaald aan de hand van het aantal plaatsingsdagen.
Bij een semi-residentiële plaatsing wordt bij de vaststelling van de hoogte van de
bijdrage niet gekeken naar het aantal uren hulpverlening; elke dag plaatsing is er één,
ongeacht het aantal uren dat uw kind die dag is geplaatst.
Over welke periode is de
ouderbijdrage verschuldigd?
De instantie die verantwoordelijk is voor de plaatsing meldt aan het LBIO de datum
waarop uw kind is geplaatst. Van de eerste tot en met de laatste dag van de plaatsing moet
de ouderbijdrage worden betaald. Ook als het kind tijdens het weekend of vakanties thuis
is, bent u de bijdrage verschuldigd.
Als de plaatsingssituatie wijzigt (bijvoorbeeld als uw kind minder dagen per week wordt
geplaatst), geeft de plaatsende instantie dat aan het LBIO door. De hoogte van de
ouderbijdrage wordt dan aangepast aan de nieuwe situatie.
Ook als de plaatsing wordt beëindigd, moet de plaatsende instantie dat melden aan het
LBIO. Het LBIO informeert u vervolgens over de financiële afwikkeling.
In de praktijk blijkt dat een wijziging in de plaatsing of de beëindiging van de
plaatsing niet altijd direct aan het LBIO wordt gemeld, waardoor u verkeerde of mogelijk
zelfs ten onrechte acceptgiros ontvangt. Neem in dat geval contact op met de
plaatsende instantie en verzoek haar de wijziging of afmelding direct aan het LBIO te
melden.
Een justitiële plaatsing loopt maximaal tot het kind 18 jaar wordt. Na een justitiële
plaatsing kan een plaatsing als vrijwillige hulpverlening worden voortgezet. De
vrijwillige hulpverlening kan maximaal doorlopen tot het moment waarop het kind 21 jaar
wordt.
Kunt u bezwaar
maken tegen de vastgestelde ouderbijdrage?
Het LBIO stelt de ouderbijdrage vast in een beschikking op basis van de tabel in
paragraaf 3.3. Dit is een zogenaamd administratief besluit. Als u meent dat er
fouten zijn gemaakt bij het vaststellen van de bijdrage, kunt u telefonisch of
schriftelijk contact opnemen met de afdeling Ouderbijdragen. Vaak kunnen gemaakte fouten
direct worden hersteld. U kunt ook formeel bezwaar maken op grond van de Algemene wet
bestuursrecht. In dat geval dient u het bezwaarschrift in te dienen bij de directeur van
het LBIO binnen zes weken nadat u de beschikking ouderbijdrage van het LBIO hebt
ontvangen. Dat ontheft u overigens niet van uw betalingsverplichting. In afwachting van de
behandeling van het bezwaarschrift blijft u de ouderbijdrage verschuldigd.
Een bezwaarschrift moet de volgende elementen bevatten:
- boven uw bezwaarschrift moet staan Bezwaarschrift tegen vastgestelde
ouderbijdrage, en de datum;
- u moet aangeven tegen welk besluit u bezwaar maakt en waarom u het besluit niet juist
vindt;
- uw naam, adres en handtekening, en het zaaknummer van het LBIO.
NB. Een bezwaarschrift waarin als reden van bezwaar wordt opgegeven dat uw financiële
situatie het niet toelaat om ouderbijdrage te betalen wordt ongegrond verklaard, omdat op
basis van de Wet op de jeugdhulpverlening de ouderbijdrage onafhankelijk van het inkomen
wordt opgelegd.
Kunt u bezwaar maken
tegen de vrijwillige hulpverlening?
Als u het niet eens bent met de plaatsing van uw kind, kunt u daartegen bezwaar maken.
Dit kan alleen als uw kind vrijwillig is geplaatst en minderjarig is. Een bezwaarschrift
tegen de vrijwillige hulpverlening moet u indienen bij de Directeur van het LBIO.
Als uw kind onder toezicht is gesteld door de kinderrechter met als gevolg een
justitiële plaatsing door de gezinsvoogdij-instelling, dan kunt u geen bezwaar maken bij
het LBIO. Met bezwaren en klachten moet u zich wenden tot de kinderrechter en de
gezinsvoogdij-instelling.
Hoe werkt het LBIO
Hoe moet u betalen?
U ontvangt iedere maand een acceptgirokaart. Aan deze acceptgirokaart is steeds een
betalingsoverzicht gekoppeld. Als de bijdrage verandert, bijvoorbeeld door indexering of
omdat uw kind 6 of 12 jaar wordt, ontvangt u daarover in principe geen bericht. Wel wordt
het bedrag op de acceptgirokaart automatisch aangepast.
U kunt ook opdracht geven aan uw bankinstelling tot automatische betaling.
Ook in dat geval ontvangt u iedere maand een overzicht en een acceptgirokaart.
Let wel: bij wijziging van de maandbijdrage of bij beëindiging van de plaatsing moet u
zelf de aanpassing van de automatische betalingsopdracht bij uw bankinstelling regelen.
Het LBIO krijgt pas bericht van de plaatsende instantie als het kind al is geplaatst.
Wanneer deze plaatsing al geruime tijd loopt, kan de vordering behoorlijk hoog oplopen.
Wanneer betaling ineens een voor u niet te overbruggen probleem vormt, dan kunt u voor de
achterstallige vordering een betalingsregeling treffen. Neemt u dan contact met het LBIO
op.
Wat te doen bij betalingsproblemen?
In principe moet iedere ouder de ouderbijdrage betalen. Sommige ouders ondervinden
financiële problemen bij het betalen van die bijdrage.
Als u problemen hebt met de betaling van de ouderbijdrage, of als u vindt dat u de
bijdrage (tijdelijk) niet kunt betalen, neem dan contact met het LBIO op. In gezamenlijk
overleg kan dan naar een oplossing worden gezocht. Een betalingsregeling biedt in veel
gevallen uitkomst. Afhankelijk van hoeveel u per maand kunt aflossen (uw
aflossingscapaciteit) en de hoogte van de verplichting kan betaling van de ouderbijdrage
over een langere periode worden gespreid.
In een aantal individuele gevallen blijkt betaling van de ouderbijdrage vrijwel
onmogelijk. De Minister heeft het LBIO een aanwijzing gegeven om de verschuldigde
ouderbijdrage in drie specifieke gevallen op voorhand niet te vorderen als de
bijdrageplichtige rechtmatig een uitkering ontvangt op grond van de:
- Algemene bijstandswet, norm alleenstaande (zonder kinderen) zoals bedoeld in de
artikelen 29, lid 1 onder a, en 30, lid 1 onder a;
- Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 1979;
- Zak- en kleedgeldvergoeding, zoals onder andere bedoeld in artikel 31 van de Algemene
bijstandswet.
Behoort u tot een van deze (inkomens)categorieën, neemt u dan contact met het LBIO op.
lncassomaatregelen
Als u onvoldoende meewerkt aan de betaling van de ouderbijdrage zal het LBIO u
aanmanen. Zo nodig wordt een dwangbevel uitgevaardigd. Het LBIO kan informatie inwinnen
over uw financiële situatie, waarna beslag mogelijk is op uw inkomsten of (on)roerende
zaken. De kosten die daaraan verbonden zijn, worden bij u in rekening gebracht.
Wat verder van belang is...
Privacy
Net als bij overheidsorganisaties is op het LBIO de Wet bescherming persoonsgegevens
van toepassing. Dit betekent dat wij vertrouwelijk en zorgvuldig met uw gegevens omgaan.
Inzage dossier
Het LBIO is gehouden aan de Wet openbaarheid van bestuur. Dit houdt in dat u inzage van
uw dossier kunt vragen. U moet daarvoor een schriftelijk verzoek richten aan de directeur.
U kunt ook een kopie van uw dossier vragen. Hiervoor worden kosten in rekening gebracht.
Over de hoogte daarvan informeren wij u vooraf.
Klachtbehandeling
Alhoewel de medewerkers proberen de werkzaamheden zo goed mogelijk uit te voeren, kan
het gebeuren dat de handelingen van het LBIO niet volledig of niet correct zijn. Neem in
zon geval contact op met de afdeling die uw zaak behandelt en laat weten waarover u
niet tevreden bent. Waar mogelijk proberen wij uw klacht op te lossen. Leidt dit niet tot
een oplossing, dan kunt u zich met de klacht tot de directeur wenden. Geeft ook het
antwoord van de directie van het LBIO niet het gewenste resultaat en bent u van mening dat
het LBIO in gebreke blijft, dan kunt u zich vervolgens tot de Nationale ombudsman richten,
postbus 93122, 2509 AC Den Haag.
Bij het afhandelen van een klacht is het LBIO gehouden aan hoofdstuk 9
(Klachtbehandeling) van de Algemene wet bestuursrecht.
Antwoorden
op de meest gestelde vragen over betaling van ouderbijdragen
Wie van de ouders betaalt de ouderbijdrage?
Zolang ouders samenwonen komt de vraag wie ouderbijdrage betaalt niet nadrukkelijk aan
de orde. Beide (stief)ouders van het kind zijn dan bijdrageplichtig.
Anders ligt dat als ouders niet meer samenwonen. De rechter legt in veel gevallen aan
de niet-verzorgende ouder een alimentatiebijdrage op. Deze ouder hoeft dan niet nog eens
ouderbijdrage te betalen. Is geen alimentatie voor het geplaatste kind vastgesteld, dan
moet die ouder betalen die het kind in de periode vóór de plaatsing verzorgde. De ouder
die recht heeft (of had) op de kinderbijslag voor het geplaatste kind wordt aangemerkt als
de verzorgende en daarmee ouderbijdrageplichtige ouder.
Wanneer ontvang ik van het LBIO bericht dat ik ouderbijdrage moet betalen?
Het LBIO is afhankelijk van het moment waarop de instelling die verantwoordelijk is
voor de plaatsing de hulpverlening aan uw kind meldt. Pas dan kan het LBIO (de hoogte van)
de bijdrage vaststellen. Over het algemeen wordt de aanmelding van de plaatsende instantie
binnen 5 werkdagen door het LBIO verwerkt, waarna u bericht krijgt.
Aan het einde van de plaatsing gaat het eigenlijk hetzelfde. Zodra de instelling de
hulpverlening afmeldt, kan het LBIO de administratie aanpassen. De eventueel teveel
betaalde bijdrage ontvangt u uiteraard terug. Het komt voor dat de plaatsende instantie
verzuimt om de plaatsing tijdig af te melden. Informeer daarom altijd bij de plaatsende
instantie of zij de plaatsing inmiddels bij het LBIO heeft afgemeld.
Is de hoogte van mijn inkomen van invloed op de hoogte van de bijdrage?
Nee, de wetgever heeft normbedragen vastgesteld. Alleen de leeftijd van het kind, de
soort hulpverlening (plaatsing in een tehuis of pleeggezin, of dagbehandeling) en het
aantal dagen per week dat uw kind is geplaatst, hebben effect op de hoogte van de
ouderbijdrage.
Mijn kind is geplaatst. Heb ik dan nog recht op kinderbijslag?
Als uw kind in een dagbehandeling verblijft, blijft u recht houden op kinderbijslag.
Dit kan veranderen als uw kind uit huis is geplaatst. Toch is het ontvangen van
kinderbijslag belangrijk om de ouderbijdrage te kunnen voldoen. Wanneer uw kind uit huis
geplaatst is, zal de Sociale Verzekeringsbank (SVB) onderzoeken of u nog wel voldoende
kosten voor uw kind maakt om in aanmerking te (blijven) komen voor kinderbijslag. De SVB
informeert regelmatig bij het LBIO of de ouderbijdrage wordt voldaan. Het daadwerkelijk
betalen van de ouderbijdrage in het desbetreffende kwartaal is dus van groot belang. Als u
geen kinderbijslag (meer) ontvangt, kunt u die opnieuw aanvragen bij één van de
vestigingen van de Sociale Verzekeringsbank. De SVB beslist op uw aanvraag en onderzoekt
of u voldoet aan de onderhoudseis zoals is vastgelegd in de Algemene Kinderbijslagwet.
Alle kosten die u voor het kind maakt, tellen mee in deze onderhoudseis. In de eerste
plaats natuurlijk de door u betaalde ouderbijdrage. Daarnaast wordt ook rekening gehouden
met schoolkosten en boekengeld, kleedgeld, kosten voor bezoek en verzekeringen, en de
kosten die u voor het kind maakt wanneer dit in weekenden en vakanties bij u verblijft.
Ik ben het niet eens met de plaatsing van mijn kind. Moet ik toch ouderbijdrage
betalen?
Dat hangt er van af. Als uw kind vrijwillig is geplaatst en nog minderjarig is, kunt u
bezwaar maken tegen de hulpverlening. De hulpverlenende instantie moet dan de plaatsing
beëindigen. Uw bezwaar moet u richten aan de Directeur van het LBIO. U krijgt dan bericht
over het stopzetten van uw bijdrageverplichting.
Is uw kind ondertoezicht gesteld en geplaatst (justitiële plaatsing) dan kunt u geen
bezwaar tegen de hulpverlening maken. Wel kunt u contact opnemen met de gezinsvoogd of de
kinderrechter. Zij bepalen of de hulpverlening kan worden beëindigd. Zolang het LBIO geen
bericht krijgt van de plaatsende instelling, moet u de bijdrage blijven betalen.
Ik heb niet het gezag over mijn kind. Moet ik toch ouderbijdrage betalen?
Ouders behouden na de scheiding beiden het gezag, maar een van de ouders krijgt de
uitoefening van dat gezag. De formele uitoefening van het gezag is echter niet
doorslaggevend voor de vraag wie van de beide ouders in principe op de bijdrage kan worden
aangesproken. Op grond van de ouderbijdragenregeling wordt namelijk aan de ouder die het
kind vóór de plaatsing verzorgde (en recht had op kinderbijslag) de ouderbijdrage
opgelegd. Als u door de rechter van het ouderlijk gezag bent ontheven bent u geen bijdrage
verschuldigd.
Wat moet ik doen als ik de ouderbijdrage niet kan betalen?
Neem contact op met het LBIO als u problemen hebt met de betaling van de ouderbijdrage.
Wij kunnen u advies geven en samen met u de mogelijkheden bekijken. Een betalingsregeling
kan vaak uitkomst bieden. Daarbij houden we zoveel mogelijk rekening met uw
aflossingscapaciteit en de hoogte van de openstaande vordering.
In de uitvoering werkt het LBIO overeenkomstig de Wet Schuldsanering Natuurlijke
Personen. Wanneer een betalingsregeling geen uitkomst biedt of wanneer u een
betalingsregeling afwijst, of weigert de regeling na te komen, kunt u via de (wettelijke)
schuldsanering proberen iets aan uw schuldenlast te doen. Meer informatie over deze
schuldsanering kunt u verkrijgen bij de dienst sociale zaken of de afdeling Voorlichting
in uw gemeente.
Wilt u meer weten?
Heeft u nog vragen over de ouderbijdragen, dan kunt u ons bellen op werkdagen: (0182)
57 20 20. U kunt ons ook schrijven. Het postadres van het LBIO is:
- Postbus 800
- 2800 AV GOUDA
- www.Ibio.nl
Andere publicaties van het LBIO: link
- Kinderalimentatie Wat het LBIO voor u kan doen bij het innen van kinderalimentatie.
- Internationale inning van alimentatie Wat het LBIO voor u kan doen bij het innen van
alimentatie, wanneer de betalingsplichtige in het buitenland woont.
Aan de inhoud van deze brochure kunnen geen rechten worden ontleend.
contact opnemen met 0900 - ADVOCATEN.
(0900-238 62 28 - 80ct/m)
U kunt ook per email aan vraag stellen door hier te
klikken. U ontvangt binnen enkele werkdagen een degelijk antwoord van een advocaat.