Bij een echtscheiding, een scheiding van tafel
en bed of een beëindiging van geregistreerd partnerschap moeten (ex-) partners allerlei
zaken regelen. Hierbij kunt u denken aan vragen als wie mag in het huis blijven wonen en
wie gaat er voorde kinderen zorgen enzovoort. Echter: er zullen ook zaken geregeld moeten
worden die u pas later in uw leven zult gaan merken.Een voorbeeld hiervan is de verdeling
van het door een of beide partners opgebouwde ouderdomspensioen. Daarover gaat deze
brochure.De brochure is voor u van belang als u gaat scheiden of al gescheiden bent of als
uw geregistreerd partnerschap wordt beëindigd of al beëindigd is, maar de verdeling van
ouderdomspensioen nog niet is geregeld. De brochure geeft een beschrijving van de
wettelijke regeling op dit gebied - de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding - en
vertelt hoe een verdeling van ouderdomspensioen tot stand komt. Pensioenverdeling kan een
ingewikkelde zaak zijn. Als u er met de brochure alleen niet uitkomt kunt u het best
contact opnemen met een rechtsbijstandverlener, zoals een bureau voor rechtshulp of een
advocaat U kunt ook contact opnemen met 0900 - ADVOCATEN. (0900-238 62
28 - 80ct/m)
Nota bene: Met "ex-partner" wordt in deze brochure
niet alleen de gescheiden man of vrouw bedoeld, maar ook de nog met elkaar getrouwde man
en vrouw die van tafel en bed zijn gescheiden en de ex-geregistreerde partner. Onder
"scheiding" wordt begrepen de echtscheiding, de scheiding van tafel en bed en de
beëindiging van een geregistreerd partnerschap. Met "scheidingsconvenant wordt
bedoeld de schriftelijke afspraak tussen ex-partners met het oog op de scheiding.
Waarom deze wet?
De wet gaat over de verdeling van het ouderdomspensioen bij
scheiding. Beide ex-partners hebben recht op de helft van het huwelijksouderdomspensioen
of het partnerschapsouderdomspensioen, dat is het ouderdomspensioen dat tussen sluiting
van huwelijk of geregistreerd partnerschap en scheiding is opgebouwd. Beide ex-partners
krijgen hun deel van het pensioen apart uitbetaald door de pensioenuitvoerder. In de wet
wordt degene die pensioen heeft opgebouwd vereveningsplichtige genoemd en
degene die niet zelf pensioen heeft opgebouwd vereveningsgerechtigde.
VUT-regelingen, ongehuwdenpensioenen, lijfrenten,
invaliditeitspensioenen en bepaalde tijdelijke pensioenen vallen niet onder de Wet
verevening -pensioenrechten bij scheiding.
Een nabestaandenpensioen wordt volgens de Wet
verevening pensioenrechten bij scheiding niet verdeeld. Bij conversie wordt het
echter wel betrokken. Het bijzonder nabestaandenpensioen wordt dan omgezet in een deel van
de eigen aanspraak op ouderdomspensioen.
AOW-pensioenen vallen ook niet onder de wet. Die worden
immers aan iedereen die 65 jaar wordt individueel uitbetaald. Zolang u getrouwd of
ongetrouwd samenwoont, krijgen u en uw echtgenoot of partner het AOW-pensioen voor
gehuwden. Zodra u niet meer samenwoont (omdat u of uw echtgenoot of partner is weggegaan
of uw echtgenoot of partner is overleden), krijgt u het AOW-pensioen voor alleenstaanden.
Nabestaandenuitkeringen op grond van de Algemene
nabestaandenwet (ANW) vallen niet onder de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding.
Nota bene: Niet altijd wordt het pensioen verdeeld. In de wet
staat een ondergrens voor de uitbetaling door de pensioenuitvoerder. Het bedrag dat de
pensioenuitvoerder zou moeten betalen aan de ex-partner die zelf het pensioen niet heeft
opgebouwd, moet op het tijdstip van scheiding meer zijn dan Euro 332,29 bruto per jaar
(per 1 januari 2002). Woont die persoon op het moment van scheiding in het buitenland, dan
is de ondergrens het dubbele van dit bedrag. Kleine pensioenen worden dus niet verdeeld.
Voor wie geldt de wet?
De wet geldt voor:
ex-echtgenoten van wie de echtscheiding op of ná 1 mei
1995 is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand;
ex-echtgenoten van wie de scheiding van tafel en bed op of
ná 1 mei 1995 definitief is geworden;
ex-geregistreerde partners van wie het geregistreerd
partnerschap definitief is beëindigd.
Wanneer is een scheiding van tafel en bed definitief?
Sinds 1 april 2001 geldt de regel dat een scheiding van tafel
en bed definitief is als deze is ingeschreven in het huwelijksgoederenregister. Het
huwelijksgoederenregister wordt ter griffie van de rechtbank gehouden. Daarvòòr, dus
voor 1 april 2001, gold het volgende. De scheiding van tafel en bed was toen definitief
als er een vonnis of beschikking van de rechter was en de termijn voor hoger beroep of
cassatie voorbij was of eerder, als men binnen die termijn in de uitspraak had berust.
Berusting kan alleen blijken uit een akte van berusting of uit een brief van de advocaat.
Uitsluiting van de wet
In de wet staat dat u de toepasselijkheid van de Wet
verevening pensioenrechten bij scheiding in de huwelijkse of
partnerschapsvoorwaarden of het scheidingsconvenant kunt uitsluiten. Dat betekent dat u
ervoor kunt kiezen om in de huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of in het
scheidingsconvenant af te spreken, dat u de regeling van de wet over de verdeling van
ouderdomspensioen niet zult volgen als u gaat scheiden. Als u de toepasselijkheid van de
wet uitsluit, kunt u samen met uw ex-partner andere afspraken maken over de verdeling van
pensioenaanspraken, bijvoorbeeld bij de boedelscheiding. De afspraken die u dan maakt,
gelden echter alleen tussen u en uw ex-partner. De pensioenuitvoerder hoeft er dus geen
rekening mee te houden.
Sluit u de toepasselijkheid van de wet uit, dan stuurt u geen formulier op.
Toch een formulier
Als één van de ex-partners binnen twee jaar na de scheiding
toch een formulier naar de pensioenuitvoerder stuurt, neemt deze het formulier wèl in
behandeling. De ex-partner die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, krijgt van de
pensioenuitvoerder schriftelijk te horen hoeveel zij of hij als deel van het
ouderdomspensioen krijgt en vanaf wanneer. De andere ex-partner krijgt van die brief een
kopie.
De pensioenuitvoerder kan namelijk niet weten dat u de toepasselijkheid van de wet hebt
uitgesloten.
De andere ex-partner moet dan aantonen dat de
toepasselijkheid van de wet is uitgesloten. Dit doet hij of zij door het opsturen van een
gewaarmerkte kopie (of een gewaarmerkt uittreksel) van de huwelijkse of
partnerschapsvoorwaarden of van het scheidingsconvenant naar de pensioenuitvoerder.
Waarvoor dient het
formulier?
Als u recht heeft op een gedeelte van het pensioen van uw
ex-partner dan zal op een bepaald moment dat deel van het pensioen naar u moeten worden
overgemaakt. De pensioenuitvoerder waarbij uw ex-partner een pensioen aan het opbouwen is
of een pensioen heeft opgebouwd, moet voor die uitbetaling zorg dragen. De
pensioenuitvoerder moet, om aan de juiste personen te kunnen uitbetalen, weten dat u bent
gescheiden en hoe u het pensioen verdeeld wilt hebben. Daarom moet u uw scheiding melden
bij de pensioenuitvoerder. Dat kunt u alleen doen met het formulier Mededeling van
scheiding in verband met verdeling van ouderdomspensioen. Het formulier treft u aan
bij deze brochure.
Dit formulier stuurt u naar de pensioenuitvoerder waarbij uw
ex-partner is aangesloten.
Dat doet u zo snel mogelijk; in elk geval binnen twee jaar na
de scheiding. (Als u een al ingegaan pensioen meldt, schrijf dan in de linkerbovenhoek van
het formulier: S.V.P. met voorrang behandelen. Op die manier kan de
pensioenuitvoerder uw aanvraag voorrang geven.)
Samen of alleen
U kunt samen met uw ex-partner het formulier invullen en
opsturen, maar u kunt het ook alleen doen. Voor de pensioenuitvoerder is het voldoende als
één van de ex-partners de melding doet. Alleen als u een andere verdeling of
conversie wilt, moeten u en uw ex-partner allebei het formulier ondertekenen.
De keuze die u in het formulier vastlegt voor de manier waarop het ouderdomspensioen moet
worden verdeeld, is voor de pensioenuitvoerder in principe definitief.
Maak van het ingevulde formulier een kopie en bewaar die bij
uw verzekeringspapieren. Op die manier hebt u altijd alle gegevens bij de hand.
Nota bene: Als u en uw ex-partner ieder afzonderlijk een
formulier opsturen en de gegevens die u verstrekt zijn niet hetzelfde als de gegevens die
uw ex-partner verstrekt, loopt u het risico dat de uitbetaling van een deel van de
pensioengelden wordt vertraagd.
Hoe wordt het
pensioen verdeeld?
Beide ex-partners hebben pensioen opgebouwd Als u en uw
ex-partner allebei pensioen hebben opgebouwd, kunnen die pensioenen in principe allebei op
dezelfde manier worden verdeeld. Als u en uw ex-partner allebei ongeveer evenveel pensioen
hebben opgebouwd, kunt u afzien van de verdeling van beide pensioenen. Verschilt de opbouw
van beide pensioenen erg veel, dan kunt u ook kiezen voor het verdelen van één van de
pensioenen. U kunt bijvoorbeeld het grootste pensioen verdelen en daarbij degene die het
kleinste pensioen heeft (dat niet wordt verdeeld), de helft geven van het grootste
ouderdomspensioen, min de helft van het bedrag van het eigen pensioen.
Een van de ex-partners overlijdt
Als één van de ex-partners overlijdt, verandert de situatie
voor de ander. Overlijdt de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd, dan krijgt de
overlevende ex-partner geen deel meer van het ouderdomspensioen. (Overlijdt iemand voor de
pensioendatum, dan wordt er helemaal geen ouderdomspensioen uitgekeerd. En als diegene na
de pensioendatum overlijdt, stopt de uitkering. Er valt dan dus niets (meer) te verdelen.)
Meestal is er dan recht op een bijzonder nabestaandenpensioen. Overlijdt de ex-partner die
het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, dan krijgt de ander weer het volledige
ouderdomspensioen.
Nota bene: Als er conversie heeft plaatsgevonden, verandert
de situatie voor de ex-partner niet als de andere ex-partner overlijdt
Nabestaandenpensioen
In veel pensioenregelingen is er naast een aanspraak op
ouderdomspensioen ook een aanspraak op nabestaandenpensioen. Het nabestaandenpensioen is
een uitkering die de ene partner kan krijgen als de ander (die het ouderdomspensioen heeft
opgebouwd) overlijdt. Het nabestaandenpensioen wordt meestal afgeleid van het
ouderdomspensioen dat zou zijn bereikt bij pensionering van de partner.
Een volledig nabestaandenpensioen bedraagt vaak 5/7 deel of 70% van het volledige
ouderdomspensioen.
Bijzonder nabestaandenpensioen
Het bijzonder nabestaandenpensioen is de uitkering die de ene
ex-partner kan krijgen als de ander (die het ouderdomspensioen vóór de echtscheiding of
beëindiging van het partnerschap heeft opgebouwd) overlijdt. Het bijzonder
nabestaandenpensioen wordt niet meer afgeleid van het ouderdomspensioen dat bereikt kan
worden bij pensionering. Bij de echtscheiding of beëindiging van het partnerschap wordt
de verdere opbouw van het nabestaandenpensioen stopgezet. Bij een scheiding van tafel en
bed wordt de opbouw van het nabestaandenpensioen pas stopgezet wanneer die scheiding van
tafel en bed is gevolgd door ontbinding van het huwelijk. In geval van een scheiding van
tafel en bed is dus voor de opbouw van het nabestaandenpensioen een andere datum relevant
dan voor de verdeling van het ouderdomspensioen.
Standaardverdeling
In de wet is een standaardverdeling opgenomen. Daarbij
krijgen u en uw ex-partner allebei de helft van het ouderdomspensioen dat tussen de
huwelijks- of partnerschapssluiting en scheiding is opgebouwd. Het maakt niet uit of er
sprake is van gemeenschap van goederen of huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden. Tenzij
in de huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of in het scheidingsconvenant uitdrukkelijk
de toepasselijkheid van de wet is uitgesloten, of uitdrukkelijk staat dat er geen
verdeling van ouderdomspensioen zal zijn bij scheiding. Zolang u en uw ex-partner in leven
zijn, krijgt ieder na pensionering de helft van het huwelijks- of
partnerschapsouderdomspensioen. Als degene die het ouderdomspensioen niet zèlf heeft
opgebouwd overlijdt, krijgt de ander weer het volledige ouderdomspensioen.
Als degene die wèl zelf het ouderdomspensioen heeft
opgebouwd overlijdt, verliest de ander eveneens het verevende deel van ouderdomspensioen,
maar de ander kan vervolgens wel bijzonder nabestaandenpensioen krijgen
Andere verdeling
U kunt met uw ex-partner een andere verdeling van het
ouderdomspensioen afspreken. U kunt bijvoorbeeld afspreken dat niet ieder de helft van het
ouderdomspensioen krijgt, maar dat de verdeling bijvoorbeeld 60% voor de ene partner en
40% voor de andere partner wordt. Ook kunt u afspreken dat (een deel van) het
ouderdomspensioen dat vóór het huwelijk of geregistreerd partnerschap is opgebouwd
eveneens wordt verdeeld. Bijvoorbeeld het ouderdomspensioen dat is opgebouwd in de periode
dat u ongetrouwd of ongeregistreerd samenwoonde.
Voorbeeld 1: Heer X en mevrouw Y zijn 34jaar getrouwd als zij
in augustus 1995 gaan scheiden. Heer X is 59 jaar en mevrouw Y is 57 jaar. Tijdens het
huwelijk heeft heer X 32 jaar gewerkt en al die tijd heeft hij pensioen opgebouwd.
Situatie A: Heer X en mevrouw Y zijn in gemeenschap van
goederen getrouwd en er zijn geen afspraken gemaakt over de verdeling van het
ouderdomspensioen.
Mevrouw Y heeft geen pensioenaanspraken opgebouwd. Mevrouw Y
krijgt bij pensionering van heer X de helft van het ouderdomspensioen dat heer X tijdens
het huwelijk heeft opgebouwd.
Heer X krijgt de andere helft plus het volledige pensioen dat
hij na scheiding opbouwt. Mevrouw Y krijgt daar niets van.
Omdat er sprake is van de standaardverdeling hoeft maar één
van de ex-partners het formulier te ondertekenen en op te sturen. Zij spreken af dat heer
X het formulier ondertekent en naar zijn pensioenuitvoerder stuurt.
Situatie B: Heer X en mevrouw Y zijn in gemeenschap van
goederen getrouwd. Heer X heeft weliswaar 32 jaar pensioen opgebouwd, maar hij heeft dat
gedaan bij 9 verschillende pensioenuitvoerders. Omdat heer X niet veel verdiende, zijn
bijna al die pensioentjes te klein om te worden verdeeld.
Mevrouw Y heeft eerst 3 jaar parttime gewerkt, daarna 17 jaar
niet en de laatste 12 jaar fulltime. Mevrouw Y heeft 15 jaar pensioen opgebouwd op het
moment van scheiding. Zij wil blijven werken tot haar pensionering.
Zij verdient veel meer dan haar ex-echtgenoot. Heer X en
mevrouw Y spreken in een scheidingsconvenant af dat er geen verdeling van de pensioenen
zal plaatsvinden. Heer X en mevrouw Y sturen géén formulier op.
Afspraken over een andere verdeling moeten zijn vastgelegd in
de huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of in het scheidingsconvenant. Als u een andere
verdeling afspreekt, moet het formulier zowel door u als door uw ex-partner worden
ondertekend. U moet verder een gewaarmerkte kopie of een gewaarmerkt uittreksel van de
huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of een gewaarmerkte kopie of een gewaarmerkt
uittreksel van het scheidingsconvenant met het formulier meesturen naar de
pensioenuitvoerder.
Conversie
Als u voor conversie kiest, kiest u ook voor een andere
verdeling. Bij conversie (wat omzetting betekent) wordt het deel van het ouderdomspensioen
van de andere ex-partner (die het pensioen heeft opgebouwd), samen met het bijzonder
nabestaandenpensioen voorgoed omgezet in een eigen ouderdomspensioen. Dit is de
eigen aanspraak op ouderdomspensioen voor degene die het pensioen niet zelf
heeft opgebouwd.
De ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd, houdt na de
conversie vanaf de pensionering het niet omgezette deel van het huwelijks- of
partnerschapsouderdomspensioen. Na de conversie hebben beide ex-partners hun eigen
ouderdomspensioen en maakt het voor geen van beiden uit, of de ander nog wel of niet meer
in leven is.
Afspraken over conversie moeten zijn vastgelegd in de
huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of in het scheidingsconvenant. Als u voor conversie
hebt gekozen, moet het formulier zowel door u als door uw ex-partner worden ondertekend.
U moet verder een gewaarmerkte kopie of een gewaarmerkt
uittreksel van de huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of een gewaarmerkte kopie of een
gewaarmerkt uittreksel van het scheidingsconvenant met het formulier meesturen naar de
pensioenuitvoerder.
Nota bene: Conversie is alleen mogelijk als de
pensioenuitvoerder met uw verzoek instemt. Is uw verzoek door de pensioenuitvoerder
geaccepteerd, dan is de conversie definitief en kan die niet meer worden teruggedraaid.
Conversie is alleen mogelijk bij echtscheiding of beëindiging van geregistreerd
partnerschap.
Verdeling bij conversie
Bij een standaardverdeling na conversie krijgt de ex-partner
die het pensioen heeft opgebouwd na pensionering de helft van het huwelijks- of
partnerschapsouderdomspensioen en de ander krijgt een eigen aanspraak op
ouderdomspensioen.
Voorbeeld 2: Heer X en mevrouw Y zijn 15 jaar getrouwd als
zij in juni 1995 gaan scheiden. Heer X is dan 38 jaar en mevrouw Y is 35 jaar. Tijdens het
huwelijk heeft heer X 12 jaar pensioenopbouw en mevrouw Y 9 jaar, waarvan de eerste 5 jaar
uit een parttime baan.
Situatie A: Heer X en mevrouw Y zijn op huwelijkse
voorwaarden getrouwd, maar daarin staat niets over pensioenverdeling. Zij willen het
pensioen van mevrouw Y niet verdelen. Daarom staat in het scheidingsconvenant dat alleen
het pensioen van heer X wordt verdeeld. Over de percentages die beide ex-partners zullen
krijgen, is in het scheidingsconvenant afgesproken dat heer X 65 % krijgt van het pensioen
dat hij zelf heeft opgebouwd en mevrouw Y 35%. Dit melden beide ex-partners in het
formulier, dat naar de pensioen uitvoerder van heer X wordt gestuurd.
Beide ex-partners ondertekenen het formulier. Zij sturen een
door de advocaat gewaarmerkte kopie van het scheidingsconvenant mee. Zij sturen geen
formulier naar de pensioenuitvoerder van mevrouw Y.
Situatie B: Heer X en mevrouw Y zijn in gemeenschap van
goederen getrouwd. De laatste jaren heeft mevrouw Y een heel goede baan en zij wil graag
tot haar pensioen blijven werken. Datzelfde geldt voor heer X. Zij willen beide pensioenen
verdelen en kiezen voor conversie met de standaardverdeling. Dit wordt in het
scheidingsconvenant opgenomen.
Mevrouw Y krijgt de helft van het huwelijksouderdomspensioen
van heer X, plus de waarde van het omgezette bijzonder nabestaandenpensioen dat hoort bij
het ouderdomspensioen van heer X. Dit is haar eigen aanspraak op
ouderdomspensioen. Heer X krijgt de helft van het huwelijksouderdomspensioen van
mevrouw Y, plus de waarde van het omgezette bijzonder nabestaandenpensioen dat hoort bij
het ouderdomspensioen van mevrouw Y. Dit is zijn eigen aanspraak op
ouderdomspensioen. Zij sturen allebei een formulier naar de eigen
pensioenuitvoerder. Beide formulieren worden door beide ex-partners ondertekend. Allebei
sturen zij een door de advocaat gewaarmerkt afschrift van het scheidingsconvenant mee. De
pensioenuitvoerders delen hen vervolgens mee dat zij instemmen met de gevraagde conversie.
Helft huwelijkse of partnerschapouderdomspensioen en
eigen aanspraak
Bij een standaardverdeling na conversie is de eigen
aanspraak op ouderdomspensioen meer dan 50% van het ouderdomspensioen dat de andere
ex-partner tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap heeft opgebouwd. Dit komt
omdat de eigen aanspraak is verkregen uit de omzetting van de helft van het huwelijkse of
partnerschapsouderdomspensioen en de omzetting van het gehele bijzonder
nabestaandenpensioen.
Hoeveel meer dat is, hangt af van:
de hoogte van het omgezette bijzonder nabestaandenpensioen
de leeftijden van beide ex-partners
het moment waarop de pensioenopbouw is begonnen (vóór of
ná het trouwen of sluiten van het geregistreerd partnerschap)
de pensioenopbouw tijdens de duur van het huwelijk of
geregistreerd partnerschap
de pensioenregeling die van toepassing is
De pensioenuitvoerder gebruikt voor de berekening van de
waarden van het ouderdomspensioen en het nabestaandenpensioen tabellen met de gemiddelde
sterfte-leeftijden van mannen en vrouwen. In zn algemeenheid kan niet worden gezegd
of conversie voordelig is of niet. U kunt dat het beste door de pensioenuitvoerder laten
berekenen.
U kunt echter ook een andere verdeling afspreken. U kunt
afspreken dat u en uw ex-partner een verschillend percentage krijgen van het
ouderdomspensioen, dat tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap is opgebouwd. Of
dat een bepaalde periode vóór of ná het huwelijk of geregistreerd partnerschap, waarin
ouderdomspensioen is opgebouwd, meetelt.
Gevolgen van conversie
Een gevolg van conversie is, dat de pensioenregeling van de
ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd, op dezelfde manier geldt voor de ander. In de
pensioenregeling staat bijvoorbeeld of het pensioen in maandelijkse termijnen of in
kwartaaltermijnen wordt uitbetaald. Dat geldt dan dus ook voor de eigen aanspraak op
ouderdomspensioen van de ex-partner die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd.
Conversie heeft voordelen en nadelen
Een voordeel voor beide ex-partners is, dat de band tussen
hen definitief is verbroken. Degene die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, heeft een
eigen aanspraak op ouderdomspensioen. Een nadeel van conversie voor de
vereveningsgerechtigde is, dat zij of hij bij het overlijden van de ex-partner vóór de
eigen pensioendatum, zonder enig inkomen van of via de ex-partner komt te zitten, want ook
een eventuele alimentatie stopt. Zij of hij moet dan tot aan de eigen pensioendatum zèlf
in het onderhoud kunnen voorzien. Een nadeel voor degene die het pensioen heeft opgebouwd,
is dat hij of zij bij overlijden van de ex-partner niet meer het volledige
ouderdomspensioen krijgt, maar steeds het eigen deel van het huwelijkse of
partnerschapsouderdomspensioen.
Waarde-overdracht/voorkomen
pensioenbreuk
In het verleden was het vaak zo, dat iemand die van baan
veranderde daardoor een pensioenbreuk opliep. Tegenwoordig komt het steeds
meer voor dat iemand die van baan verandert, de waarde van het opgebouwde pensioen in de
oude regeling meeneemt naar de nieuwe werkgever. De waarde van het pensioen in de oude
pensioenregeling wordt dan ingebracht in de pensioenregeling bij de nieuwe werkgever.
Sinds 8 juli 1994 is er een wettelijk recht op waarde-overdracht voor iemand die van baan
verandert. Dit betekent dat de pensioenuitvoerder mee moet werken aan de
waarde-overdracht, als degene die in de pensioenregeling heeft deelgenomen, vraagt het
pensioen te mogen meenemen naar de nieuwe werkgever. Het voordeel van waarde-overdracht
is, dat het totale pensioen door één pensioenuitvoerder wordt uitbetaald en dat
pensioenbreuk meestal wordt voorkomen.
Indexering
van recht op uitbetaling
Het deel van het ouderdomspensioen dat vanaf de pensioendatum
moet worden uitbetaald aan de ex-partner die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, wordt
het recht op uitbetaling genoemd. De hoogte van dat recht op uitbetaling
staat niet voor altijd vast. Het bedrag kan meegroeien met de algemene loonontwikkeling
die van invloed is op het inkomen van de ex-partner, die het pensioen heeft opgebouwd. De
werkgever van die ex-partner moet daarom bij bepaalde typen pensioenregelingen aan de
pensioenuitvoerder doorgeven hoeveel het inkomen op basis van de loonontwikkeling is
gestegen. Ook als iemand niet meer in dienst is bij de werkgever kan het toch zijn dat de
pensioenaanspraak groeit, bijvoorbeeld doordat er toeslagen worden verleend om de
pensioenaanspraken op peil te houden en inflatie te compenseren. Een stijging van het
inkomen van degene die het pensioen opbouwt na de scheiding die het gevolg is van de
carrière-ontwikkeling, bijvoorbeeld promotie, heeft geen invloed op het recht van
uitbetaling.
Flexibele pensioendatum
Bij steeds meer pensioenregelingen bestaat voor de deelnemers
de mogelijkheid om binnen bepaalde grenzen zelf te bepalen wanneer zij met pensioen willen
gaan. Zon keuze heeft natuurlijk wel gevolgen voor de hoogte van het pensioen dat
wordt uitbetaald.
Naarmate iemand eerder met pensioen gaat, zal het pensioen
kleiner zijn. Het recht op uitbetaling is steeds afhankelijk van de
pensioendatum van de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd. Als die persoon kiest
voor een vervroeging van de pensioendatum, krijgt de ex-partner ook eerder haar of zijn
deel uitbetaald. Maar een vroegere pensioendatum heeft een lagere uitkering tot gevolg.
Dus wordt ook het deel van de èx-partner die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd,
lager. Door conversie kan zon nadeel voor degene die het pensioen niet zelf heeft
opgebouwd, worden voorkomen.
Als het pensioen ingaat voordat de 65-jarige leeftijd is
bereikt, geldt er doorgaans een hoger belastingtarief (voor 65+-ers is het percentage
premie volksverzekeringen in de eerste schijf ca. 18% lager). Bovendien wordt er bij de
pensioenopbouw rekening mee gehouden dat er een AOW-uitkering wordt ontvangen als men 65
wordt (zgn. AOW-inbouw). Als het pensioen dus ingaat voor de 65-jarige leeftijd, zal het
pensioen ook lager zijn als er niet een zgn. overbruggingspensioen is getroffen ter
compensatie van de AOW-inbouw voor 65 jaar.
Pensioen
Verdeling en alimentatie
Verdeling van het ouderdomspensioen en de alimentatie staan
los van elkaar. Alimentatie heeft te maken met de behoefte van de ene ex-partner en de
draagkracht van de andere ex-partner. Pensioenverdeling is in de wet geregeld omdat het
pensioen dat tussen huwelijkssluiting of registratie van partnerschap en scheiding is
opgebouwd, het resultaat is van de inspanning van beide ex-partners en het pensioen is
bedoeld voor beide ex-partners. Als het verdeelde pensioen wordt uitbetaald terwijl er op
dat moment ook alimentatie wordt betaald, is dat natuurlijk wel van invloed. Het
beïnvloedt de behoefte van degene die alimentatie krijgt en de draagkracht van degene die
alimentatie betaalt. Maar of uitbetaling van het verdeelde pensioen gevolgen zal hebben
voor het doorlopen en/of de hoogte van de alimentatie, hangt af van de concrete
omstandigheden van elk afzonderlijk geval (zie ook de brochure Alimentatie).
Vermindering alimentatie samen afspreken
Als de ex-partners het er met elkaar over eens zijn dat na de
pensionering de alimentatie verminderd of zelfs op nul gesteld kan worden, hoeven zij
daarover niet te procederen. De ex-partner die alimentatie ontvangt, kan de ander
rechtsgeldig in een brief meedelen tot welk bedrag de alimentatie mag worden verminderd.
Zodra zij of hij bericht heeft ontvangen van de pensioenuitvoerder van de ex-partner over
de hoogte van het eigen pensioendeel en de datum van de eerste betaling, kan zij of hij
daarvan uitgaan in de brief over de vermindering.
U hertrouwt met uw
ex-echtgenoot (het reparatiehuwelijk)
Als u en uw ex-echtgenoot hertrouwen, herleven - zoals de wet
zegt - alle gevolgen van het huwelijk. Er is dan ook geen reden meer voor
pensioenverevening. Als u met uw ex-echtgenoot hertrouwt moet u dat wél schriftelijk
melden bij de pensioenuitvoerder. Dat moet u ook doen als u zich na een scheiding van
tafel en bed verzoent.
Mocht u na hertrouwen wederom besluiten tot scheiding over te
gaan, dan kan het pensioen alsnog worden verdeeld. Voor de bepaling van het pensioen dat
verdeeld wordt, wordt de pensioenopbouw in huwelijkse perioden bij elkaar opgeteld.
Uiteraard moet u uw scheiding weer via het officiële formulier melden bij de
pensioenuitvoerder.
U
trouwt met iemand anders of gaat een geregistreerd partnerschap met iemand anders aan
Als u met iemand anders trouwt of een geregistreerd
partnerschap aangaat, heeft dat geen invloed op de verdeling van het pensioen.
Uitgangspunt is namelijk dat het pensioen het resultaat is van de inspanningen tijdens het
huwelijk of geregistreerd partnerschap van beide ex-partners en is bedoeld voor beiden.
Dit ligt dus heel anders dan bij alimentatie. Als degene die alimentatie ontvangt opnieuw
trouwt, een geregistreerd partnerschap aangaat of gaat samenwonen (alsof zij getrouwd
waren of hun partnerschap hadden laten registreren), vervalt het recht op alimentatie
voorgoed.
Als degene die alimentatie betaalt opnieuw trouwt, een
geregistreerd partnerschap sluit of gaat samenwonen, heeft dat vaak gevolgen voor diens
draagkracht. Het zou kunnen zijn dat zo iemand meer geld nodig heeft voor het nieuwe gezin
en daarom aan de rechter vraagt om vermindering van de alimentatie.
Bij welke
pensioenuitvoerder moet u zijn?
Als u en/of uw ex-partner tijdens het huwelijk of
geregistreerd partnerschap bij verschillende werkgevers hebben gewerkt, kan er bij
verschillende pensioenuitvoerders ouderdomspensioen zijn opgebouwd. U moet dan naar elke
pensioenuitvoerder een formulier sturen om uw scheiding te melden. Het kan zijn dat u niet
(meer) weet naar welke pensioenuitvoerder(s) u uw formulier moet sturen. Dat kunt u
navragen bij de werkgever waar gewerkt is. Bij deze zoektocht moet u goed
onthouden dat er een wettelijke informatieplicht bestaat. Dit betekent dat ex-partners,
pensioenuitvoerders en werkgevers verplicht zijn elkaar die gegevens te verstrekken, die
nodig zijn om de rechten en plichten met betrekking tot pensioenverevening vast te
stellen. Mocht u desondanks niet achter de pensioenuitvoerder van uw ex-partner kunnen
komen, bijvoorbeeld omdat het bedrijf van naam is veranderd, is samengegaan met een ander
bedrijf of niet meer bestaat, dan is er toch een aantal mogelijkheden om informatie te
krijgen. U kunt bij vroegere collegas informeren. Ook kunt u navraag doen naar de
werkgever bij de Kamer van Koophandel, bij vakorganisaties.
U betaalt kosten
De pensioenuitvoerder mag volgens de wet de kosten van het
verdelen van het pensioen aan beide ex-partners in rekening brengen. De pensioenuitvoerder
kan voor die kosten aparte rekeningen sturen, of kan die kosten in mindering brengen op de
uit te betalen pensioenbedragen. De ex-partners moeten elk de helft van de kosten betalen.
De hoogte van het bedrag is niet in de wet vastgelegd. Pensioenuitvoerders berekenen dan
ook verschillende bedragen. Wilt u de precieze hoogte van het bedrag weten dan kunt u
contact opnemen met de pensioenuitvoerder.
Wat
gebeurt er nadat het formulier is ingestuurd?
Als de pensioenuitvoerder het formulier tijdig (binnen 2 jaar
na scheiding) heeft ontvangen, wordt er eerst nagegaan of er gegevens of bijlagen
ontbreken die nodig zijn. Als de wet toch niet op u van toepassing is, krijgt u dat te
horen van de pensioenuitvoerder. Daarbij wordt vermeld waarom de wet niet op u van
toepassing is.
Degene die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, krijgt na
verloop van tijd (in de regel na ongeveer twee maanden) van de pensioenuitvoerder
schriftelijk te horen welke aanspraak zij of hij heeft. Daarbij is vermeld wanneer de
eerste betaling is. De andere ex-partner ontvangt een kopie van die brief.
Hoe
worden de pensioenaanspraken berekend?
De pensioenuitvoerder gaat voor de berekening van de
verdeling van het pensioen uit van het ouderdomspensioen dat tussen huwelijks- of
partnerschapssluiting en scheiding is opgebouwd. Hiervoor gelden wettelijke regels. De
pensioenopbouw is niet alle jaren even groot. Als iemand bijvoorbeeld 15 jaar pensioen
heeft opgebouwd, waarvan 10 jaar tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap, is
het niet automatisch zo, dat 10 /15 deel van het pensioen wordt verdeeld.
Verder is de wijze waarop bij de berekening van het
ouderdomspensioen rekening wordt gehouden met het AOW-pensioen (franchise) niet bij elke
pensioenregeling hetzelfde. Het is daarom heel moeilijk om zelf te berekenen hoe groot de
gedeelde pensioenaanspraken zijn. U kunt dat het beste laten berekenen door de
pensioenuitvoerder.
Uitbetaling
pensioendelen en fiscale gevolgen
Enkele maanden voordat de betalingen beginnen, vraagt de
pensioenuitvoerder zowel aan u als aan uw ex-partner op welke rekeningen u de betalingen
wilt ontvangen. De pensioenuitvoerder zal u ook vragen in welke belasting-tariefgroep u
zit of wilt worden ingedeeld. De wet geeft geen recht op pensioenuitbetaling door de
pensioenuitvoerder met terugwerkende kracht. Degene die het pensioen niet zelf heeft
opgebouwd, krijgt vanaf één maand na de melding uitbetaald.
Netto: De pensioenuitvoerder betaalt aan beide ex-partners de
pensioendelen netto uit. Premies en belasting zijn al ingehouden. U krijgt aan het eind
van het jaar van de pensioenuitvoerder een overzicht van wat u dat jaar aan bruto
ouderdomspensioen hebt genoten, plus wat er is ingehouden aan premies en loonbelasting.
Pensioenverdeling heeft voor de ex-partners in principe geen fiscale gevolgen, tenzij u en
uw ex-partner door de verdeling van het pensioen in een andere (belasting) schijf komen.
Uitbetaling pensioendelen en
ziektekostenverzekering
De verdeling van een ouderdomspensioen volgens de Wet
verevening pensioenrechten bij scheiding kan gevolgen hebben voor de
ziektekostenverzekering. Het deel van het pensioen dat door de pensioenuitvoerder aan de
ex-partner die het pensioen niet heeft opgebouwd wordt uitbetaald, wordt tot het inkomen
gerekend. Het gevolg is dat het inkomen van de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd
daalt en het inkomen van de ex-partner die het pensioen niet heeft opgebouwd, stijgt. Dit
kan betekenen dat uw inkomen in tegenstelling tot voor de pensioenverevening onder of
juist boven de ziekenfondsgrens uitkomt en dat u zich dienovereenkomstig moet verzekeren.
Als de pensioenverevening niet via de pensioenuitvoerder plaatsvindt, maar u wel afspraken
met elkaar hebt over betaling van een deel van het pensioen ligt dit anders. Deze
betalingen zijn zogeheten persoonlijke verplichtingen en hebben geen gevolgen voor de
vraag of u al dan niet ziekenfondsverzekerd wordt.
De
pensioenuitvoerder betaalt niet uit
In de volgende gevallen betaalt de pensioenuitvoerder niet
uit aan degene die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd.
Als het formulier niet op tijd door de pensioenuitvoerder
is ontvangen (binnen twee jaar na de scheiding).
Als u de toepasselijkheid van de wet hebt uitgesloten in de
huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden of in het scheidingsconvenant.
Als de pensioenuitvoerder niet in Nederland is gevestigd.
Als het formulier niet op tijd door de pensioenuitvoerder is
ontvangen, vervalt het rechtstreekse recht op uitbetaling door de pensioenuitvoerder aan
degene die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd. Op grond van de wet behoudt de
ex-partner echter wel recht op een deel van het ouderdomspensioen. De ex-partner die het
pensioen heeft opgebouwd, zal dan aan de ander haar of zijn deel moeten uitbetalen. Kiest
u ervoor om de wet niet van toepassing te verklaren en een afwijkende pensioenverdeling
overeen te komen, dan zal ook in dat geval de ene ex-partner zelfde andere ex-partner
moeten uitbetalen.
Nota bene: De pensioenuitvoerder betaalt ook niet uit aan
degene die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, als het bedrag Euro 332,29 bruto per
jaar of minder is (per 1 januari 2002). In dat geval vindt er namelijk geen verdeling van
het ouderdomspensioen plaats.
Degene die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, heeft dan geen recht op een deel van
het ouderdomspensioen.
Premies en belasting
Als niét de pensioenuitvoerder, maar de ene ex-partner aan
de ander een deel van het ouderdomspensioen uitbetaalt, zal hij of zij geen premies en
loonbelasting inhouden van de ander. Wel kan hij of zij zèlf de uitbetaalde bedragen in
mindering brengen op het belastbaar jaarinkomen, dat jaarlijks aan de Belastingdienst
wordt opgegeven. De ex-partner die het pensioendeel betaalt, kan al gedurende het jaar
rekening laten houden met de aftrekbare doorbetalingen van een pensioendeel. Het is
namelijk mogelijk een voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen te
krijgen. Het daarvoor benodigde aanvraagformulier kan hij of zij aanvragen bij de
Belastingdienst in de eigen woonplaats of regio. Daarna volgt altijd een aanslag
inkomstenbelasting van de Belastingdienst. De ex-partner die het pensioendeel ontvangt,
moet achteraf inkomstenbelasting en premies betalen aan de Belastingdienst. Hiervoor
krijgt zij of hij een aanslag inkomstenbelasting. Als er geen voorlopige aanslag over het
doorbetaalde pensioendeel wordt opgelegd, moet zij of hij er rekening mee houden dat
achteraf een behoorlijk bedrag aan inkomstenbelasting en premies zal moeten worden
betaald.
U bent het
niet eens met de verdeling
Als u met de pensioenuitvoerder een verschil van mening hebt
over de verdeling van het pensioen en u komt er met de pensioenuitvoerder niet uit, dan
kunt u naar de kantonrechter gaan. Voordat u naar de rechter gaat, kunt u eerst proberen
via een eventuele klacht-, bezwaar- of beroepsregeling van de pensioenuitvoerder tot een
oplossing te komen. Wanneer dat niet mogelijk is of u bent het niet eens met de uitkomst
van die procedure, kunt u zich tot de kantonrechter wenden. Voor zon procedure is
een advocaat niet verplicht. Maar het is wel verstandig om juridisch advies te vragen,
voordat u de procedure begint.
Hebt u over de verdeling van het pensioen een verschil van
mening met uw ex-partner en u komt er samen niet uit, dan kunt u naar de rechter bij de
arrondissementsrechtbank gaan. U moet daarvoor een advocaat inschakelen.
Internationaal
Vreemde nationaliteit en verblijf in buitenland
Als u of uw ex-partner niet de Nederlandse nationaliteit
heeft, kan het zijn dat de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding niet
voor u geldt. Dat kan ook het geval zijn als u tijdens uw huwelijk of geregistreerd
partnerschap een tijd in het buitenland hebt gewoond of gewerkt.
Of de wet in dat geval op u van toepassing is, wordt bepaald
door regels van internationaal privaatrecht. Ieder land heeft zijn eigen regels van
internationaal privaatrecht. Zo zijn de regels van het Nederlandse internationaal
privaatrecht anders dan die van bijvoorbeeld het Duitse internationaal privaatrecht. In
Nederland worden de regels van Nederlands internationaal privaatrecht toegepast. Deze
regels houden het volgende in:
pensioenrechten, opgebouwd ingevolge een Nederlandse
pensioenregeling, komen steeds voor verevening in aanmerking overeenkomstig de Nederlandse
wet. Niet van belang is hierbij welk recht het huwelijksvermogensregime van de echtgenoten
beheerst;
pensioenrechten, opgebouwd ingevolge een buitenlandse
pensioenregeling, komen ook in aanmerking voor verevening overeenkomstig de Nederlandse
wet, maar alleen indien
Nederlands recht het huwelijksvermogensregime beheerst;
als buitenlands recht van toepassing is op het
huwelijksvermogensregime van de echtgenoten, komen eventuele ingevolge een buitenlandse
pensioenregeling opgebouwde pensioenrechten alleen voor verevening in aanmerking als dat
buitenlandse recht daarin voorziet.
De wettelijke regels zijn van toepassing op scheidingen die
op of nà 1 maart 2001 tot stand zijn gekomen. In geval van een scheiding die vóór die
datum tot stand is gekomen, bepalen de instanties belast met de uitvoering van de
pensioenregeling, of eventueel de rechter, of er in een internationaal geval aanspraak is
op verevening van pensioenrechten. Voor inlichtingen hierover kunt u zich wenden tot de
betrokken pensioenuitvoerder.
In de brochure Huwelijksvermogensrecht en het Haags
verdrag link kunt u lezen of het Nederlandse recht of het recht van een ander land
van toepassing is op uw huwelijksvermogensregime. Op pagina 28 staat hoe u deze brochure
kunt bestellen.
Buitenlandse pensioenregeling
Als u recht heeft op verevening van pensioenrechten die zijn
opgebouwd ingevolge een Nederlandse pensioenregeling (regel a.), heeft u recht op
rechtstreekse uitbetaling van uw deel door de pensioenuitvoerder aan uzelf. Bij de
verdeling van pensioenrechten die zijn opgebouwd ingevolge een buitenlandse
pensioenregeling (regel b. of c.) is dat niet altijd het geval. Over de vraag of u recht
heeft op rechtstreekse uitbetaling door de buitenlandse pensioenuitvoerder, zal de
betreffende buitenlandse pensioenuitvoerder u kunnen informeren. Als u geen recht heeft op
rechtstreekse uitbetaling, zal de ex-partner die het ouderdomspensioen heeft opgebouwd
zelf aan u uw deel moeten uitbetalen.
Scheidingen vóór 1
mei 1995
Scheidingen tussen 27 november 1981 en 1 mei 1995
Bent u tussen 27 november 1981 en 1 mei 1995 gescheiden en
heeft de deling van de boedel (na een scheiding) na 27 november 1981 plaatsgevonden, dan
valt u niet onder de regeling van de Wet verevening pensioenrechten bij
scheiding, maar onder de regeling in het arrest van de Hoge Raad van 27
november1981.
De regels die de Hoge Raad in het pensioenarrest heeft
gegeven komen in het kort op het volgende neer. Onder bepaalde voorwaarden vallen de
waarde van een deel van het ouderdomspensioen en de waarde van een deel van het bijzonder
nabestaandenpensioen in de gemeenschap. Als het huwelijk eindigt en aan die voorwaarden is
voldaan, moet bij de scheiding en deling van de gemeenschap het totaal van beide waarden
tussen de ex-partners worden verdeeld. Omdat de waarde van het ouderdomspensioen hoger is
dan de waarde van het bijzonder weduwenpensioen, moet de man de helft van het verschil aan
de vrouw uitbetalen.
Dat kan meteen gebeuren, al dan niet contant, of later als
het pensioen ingaat, bijvoorbeeld in een percentage van het pensioen.
De waarden van de pensioenen zijn vrijwel altijd berekend aan
de hand van tabellen met de gemiddelde sterfteleeftijden van mannen en vrouwen, zoals die
worden gebruikt door pensioenuitvoerders en levensverzekeraars. Tegenwoordig worden ook
wel sexe-neutrale sterftetabellen gebruikt.
De regels die de Hoge Raad heeft gegeven, waren voor de
praktijk niet altijd even gemakkelijk. Vandaar dat bij scheiding nogal eens de waarden van
de pensioenen onverdeeld zijn gebleven. En als er al werd verdeeld, werd het vaak niet
gedaan op de manier die de Hoge Raad in het pensioenarrest heeft aangegeven. Zijn de
pensioenaanspraken niet (helemaal) verdeeld, dan zou in een aantal gevallen het pensioen
alsnog gescheiden en gedeeld kunnen worden. Bijvoorbeeld door degene die het pensioen niet
zelf heeft opgebouwd een percentage te geven.
In welke gevallen
Hoe weet u nu of bij pensionering van de ene ex-partner de
ander nog aanspraak kan maken op een deel van het ouderdomspensioen. Daarvoor moet u de
volgende drie vragen beantwoorden.
Was er op het moment van scheiding ouderdomspensioen
opgebouwd? (Alleen de waarde van het ouderdomspensioen dat toen aanwezig was, komt in
aanmerking om te worden verdeeld. Later opgebouwd pensioen telt niet mee.)
Viel de waarde van het ouderdomspensioen in enige
gemeenschap van goederen? (Als u getrouwd was in koude uitsluiting, dat wil zeggen buiten
iedere gemeenschap van goederen, hebt u geen aanspraak.)
Is er bij de scheiding en deling van de pensioenwaarden
volledig rekening gehouden met het pensioenarrest van de Hoge Raad?
Beantwoordt u de eerste twee vragen met ja en de
derde vraag met nee, dan zal er in beginsel alsnog een scheiding en deling van
de pensioenwaarden moeten plaatsvinden.
Alleen in zeer uitzonderlijke gevallen is het denkbaar dat de
ene partner geen aanspraak kan maken op een deel van het pensioen van de andere partner.
Als er alsnog gescheiden en gedeeld wordt, kan dat direct gebeuren maar ook als het
pensioen wordt uitgekeerd.
Wilt u meer weten over de verdeling van pensioen bij een
scheiding tussen 27 november 1981 en 1 mei 1995, dan kunt u het beste contact opnemen met
een gespecialiseerde advocaat. Namen en adressen van de laatsten zijn te achterhalen via
de Vereniging voor Personen- en Familierecht Advocaten (zie adres achterin deze brochure).
Zij zijn het beste in staat de bijzondere omstandigheden per geval te beoordelen. Een
advocaat brengt kosten in rekening.
Scheidingen vóór 27 november 1981
Voor scheidingenvóór 27 november 1981 is een
overgangsbepaling in de wet opgenomen. Onder bepaalde voorwaarden had de ene ex-echtgenoot
recht op 25% van het ouderdomspensioen dat de andere ex-echtgenoot tussen de
huwelijkssluiting en de scheiding had opgebouwd. Deze overgangsbepaling gold tot 1 mei
1997. U kunt hierop dus geen aanspraak meer maken.
Veel gestelde vragen
Betekent zogenoemde koude uitsluiting dat er geen
pensioenverdeling plaatsvindt?
Over het algemeen wordt in Nederland getrouwd in gemeenschap
van goederen. Dit betekent dat alle goederen van beide partners zijn. Door het opstellen
van huwelijkse voorwaarden kunnen bepaalde goederen van de gemeenschap worden uitgesloten.
In geval van een geregistreerd partnerschap kan dit bij partnerschapsvoorwaarden gebeuren.
Als elke vorm van gemeenschap van goederen wordt uitgesloten, wordt dit koude
uitsluiting genoemd. Voor de vraag of dat betekent dat een verdeling van pensioen is
uitgesloten, is van belang wanneer u gescheiden bent.
Bent u gescheiden op of na 1 mei 1995 dan wordt het
pensioen ondanks de overeengekomen koude uitsluiting verdeeld
Bent u gescheiden tussen 27-11-1981 en 1 mei 1995 dan wordt
bij koude uitsluiting het pensioen niet verdeeld.
Is uw geregistreerd partnerschap beëindigd dan wordt het
pensioen ondanks de overeengekomen koude uitsluiting verdeeld.
Zijn ex-partners verplicht na scheiding het ouderdomspensioen
te verdelen?
U bent niet verplicht uw pensioen volgens de wet met uw
ex-partner te delen. U kunt samen besluiten niet tot verdeling van het pensioen over te
gaan. Tevens hoeft u uw scheiding niet via het daarvoor bestemde formulier bij de
pensioenuitvoerder te melden. U heeft kunnen lezen dat u de toepasselijkheid van de wet
kunt uitsluiten. Naar aanleiding daarvan treft u hieronder concrete voorbeelden aan.
U gaat trouwen of een geregistreerd partnerschap sluiten en
u wilt alvast uitsluiting van de wet regelen? U moet dan huwelijkse of
partnerschapsvoorwaarden maken waarin u uitdrukkelijk de uitsluiting van de Wet verevening
pensioenrechten bij scheiding laat opnemen. Huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden worden
door een notaris opgesteld.
U bent getrouwd op huwelijkse voorwaarden of u heeft een
geregistreerd partnerschap gesloten op partnerschapsvoorwaarden, zonder dat de
toepasselijkheid van de wet is uitgesloten, maar u wilt uitsluiting van de wet alsnog
regelen? U kunt nieuwe huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden laten opstellen waarin de
uitsluiting wordt opgenomen. De notaris kan u daarmee verder helpen.
U wilt binnenkort tot een scheiding overgaan en de wet
uitsluiten? Deze uitsluiting kunt u laten opnemen in een scheidingsconvenant. U vraagt dit
het beste na bij uw advocaat.
In welke periode is de Wet verevening pensioenrechten bij
scheiding wel en in welke niet van toepassing?
De wet is van toepassing indien:
de scheiding/scheiding van tafel en bed heeft plaatsgehad
na 1 mei 1995.
het geregistreerd partnerschap is beëindigd. Voor
scheidingen vóór 27 november 1981 heeft een overgangsbepaling gegolden tot 1mei 1997.
Niet de wet is van toepassing, maar de regeling van het
arrest van 27 november 1981 als aan de volgende twee voorwaarden voldaan is:
Woordenlijst
- akte van berusting: schriftelijke verklaring waarin staat dat iemand zich neerlegt bij
een rechterlijke uitspraak
- alimentatie: bijdrage in de kosten van levensonderhoud, meestal voor de ex-partner of
voor een kind
- behoefte: wat de ex-partner of het kind volgens de rechter werkelijk nodig heeft en
waarvoor hij of zij niet zelf kan zorgen (term uit het alimentatierecht)
- betekening: officiële uitreiking van een rechterlijke beslissing
- boedelverdeling: verdeling van de goederen die tot het huwelijks- of
partnerschapsvermogen behoren
- cassatie: beroep dat wordt/is ingesteld bij de hoogste rechter (Hoge Raad)
- conversie: omzetting van het recht op het verevende deel van het ouderdomspensioen en
het bijzonder nabestaandenpensioen in een zelfstandig ouderdomspensioen voor de ex-partner
die niet zelf het pensioen heeft opgebouwd
- datum scheiding van tafel en bed: Zie Wanneer is een scheiding van tafel en bed
definitief
- einddatum huwelijk of geregistreerd partnerschap: de dag waarop de echtscheiding of
beëindiging van het geregistreerd partnerschap is ingeschreven in de registers van de
burgerlijke stand, dan wel de dag waarop ontbinding van huwelijk na scheiding van tafel en
bed in die registers is ingeschreven
- ex-partner: de man of de vrouw die is gescheiden, de nog met elkaar getrouwde man of
vrouw na scheiding van tafel en bed en de ex- geregistreerde partner
- formulier: mededeling van scheiding i.v.m. verdeling van ouderdomspensioen
- gewaarmerkte kopie: kopie van een officierd stuk, dat door de advocaat, de notaris of
een buitenlandse autoriteit van een handtekening of een officieel stempel is voorzien
- goederen: zaken en rechten; zaken zijn tastbaar, dingen die u kunt aanraken of
beetpakken. Naast zaken zijn er ook rechten (bijv. auteursrechten en aandelen)
- Hoge Raad: hoogste rechter in Nederland
- hoger beroep: behandeling van een rechtzaak door een hogere rechter, die de beslissing
van een lagere rechter opzij kan zetten (rechtbank, hof)
- huwelijkse voorwaarden: schriftelijke afspraken die voor of tijdens het huwelijk bij de
notaris worden gemaakt over wat wel en niet in het huwelijksvermogen valt
- huwelijksouderdomspensioen: ouderdomspensioen dat tussen huwelijkssluiting en
echtscheiding of scheiding van tafel en bed is opgebouwd.
- huwelijksvermogen: bezittingen en eigendommen van echtgenoten samen
- indexeringondergrens: jaarlijkse aanpassing op basis van de Consumentenprijsindex Alle
Huishoudens, zoals gepubliceerd door het CBS
- indexering recht op uitbetaling: periodieke bijstelling van het pensioen op basis van de
algemene loonontwikkeling, in die typen pensioenregelingen waarin het salaris van invloed
is op de hoogte van het pensioen
- koude uitsluiting: huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden waarin iedere gemeenschap van
goederen is uitgesloten.
- lijfrente: uitkering die op een afgesproken tijdstip begint en eindigt met de dood van
de rechthebbende
- nabestaanden pensioen: uitkering aan nabestaanden. Vroeger werd dit weduwen- en
weduwnaarspensioen genoemd
- Partnerschapsvoorwaarden: schriftelijke afspraken die voor of tijdens het geregistreerd
partnerschap bij de notaris worden gemaakt over wat wel en niet in het
partnerschapsvermogen valt
- Partnerschapsouderdomspensioen: ouderdomspensioen dat tussen de sluiting van het
geregistreerd partnerschap en scheiding is opgebouwd.
- Partnerschapsvermogen: bezittingen en eigendommen van partners samen
- pensioenarrest: uitspraak van de Hoge Raad van 27 november 1981
- pensioenbreuk: situatie waarin het reeds opgebouwde pensioen na wisseling van baan niet
meer wordt verhoogd, onder invloed van latere loonstijgingen
- pensioenuitvoerder: pensioenfonds of verzekeraar die ouderdomspensioen uitkeert
- recht op uitbetaling: deel van het huwelijks- of partnerschapsouderdomspensioen dat
bestemd is voor de ex-partner die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd
- registers van de burgerlijke stand: officiële registers bij elke gemeente van geboorte,
huwelijk, geregistreerd partnerschap en overlijden
- scheidingsconvenant: schriftelijke afspraak tussen twee echtgenoten met het oog op een
scheiding
- scheiding van tafel en bed: uitspraak van de rechter waarbij de verplichting van
echtgenoten om samen te wonen is opgeheven en boedelverdeling plaatsvindt
- standaardverdeling: verdeling waarbij elke ex-partner de helft krijgt van het
ouderdomspensioen, dat tussen huwelijks- of partnerschapssluiting en echtscheiding of
scheiding van tafel en bed of beëindiging van het geregistreerd partnerschap is opgebouwd
- vereveningsgerechtigde: ex-partner die het ouderdomspensioen niet zelf heeft opgebouwd
- vereveningsplichtige: ex-partner die het ouderdomspensioen heeft opgebouwd
- vordering: het opeisen van een recht
- waarde-overdracht: overdracht van de waarden van reeds opgebouwd pensioen, van de
pensioenuitvoerder van de ene werkgever naar die van een volgende werkgever
Andere brochures en adressen
Over de volgende onderwerpen zijn aparte brochures verkrijgbaar
Bij de Belastingtelefoon kunt u de volgende brochure aanvragen:
- - Echtscheiding 1995
- Het nummer voor particulieren is 0800-0543 (gratis)
- Het nummer voor ondernemers is 0800-0443 (gratis)
- Vereniging voor Personen- en Familierechtadvocaten (VPFA)
- Postbus 65707
- 2506 EA Den Haag
- Telefoon 070 - 4271263
- www.vpfa.nl
- Vereniging van Advocaat- en Scheidingsbemiddelaars (VAS)
- Postbus 65707
- 2506EA Den Haag
- Telefoon 070 - 362 6215
Hebt u vragen of wilt u meer
informatie
Voor algemene informatie en het aanvragen van brochures, kunt u contact opnemen met de
telefonische informatielijn van de gezamenlijke ministeries:
- Postbus 51 Infolijn
- Telefoon 0800-8051 (gratis)
- Openingstijden zijn maandag t/m vrijdag van 09.00 uur tot 21.00 uur
- Internet: http://www.postbus51.nl
- E-mail: vragen@postbus51.nl
U kunt ook contact opnemen met:
- Ministerie van Justitie
- Directie Voorlichting, Afdeling in- en externe communicatie
- Postbus 20301
- 2500 EH Den Haag
- Telefoon 070-370 68 50
- Openingstijden: maandag t/m vrijdag van 09.00 uur tot 15.00 uur
- Internet: www.justitie.nl
- E-mail: voorlichting@minjus.nl
Aan de inhoud van deze brochure kunt u geen rechten ontlenen.
U kunt ook per email aan vraag stellen door hier te
klikken. U ontvangt binnen enkele werkdagen een degelijk antwoord van een advocaat.